Werkgeluk verandert niet alleen hoe mensen zich voelen. Het verandert mogelijk ook wie ze worden.
Ik las onlangs een razend interessant onderzoek dat mij echt verraste.
Mohsen Joshanloo volgde ruim 6.000 volwassenen bijna twintig jaar lang. Hij onderzocht de relatie tussen persoonlijkheid en psychologisch welbevinden.
Hij keek niet alleen naar verschillen tussen mensen, maar vooral naar verandering binnen dezelfde persoon over tijd.
We denken vaak: Iemands persoonlijkheid bepaalt hoe gelukkig iemand is.
Dat klopt deels. Mensen met meer openheid, extraversie en emotionele stabiliteit ervaren gemiddeld meer welbevinden.
Dit onderzoek laat iets anders zien: Welbevinden is niet alleen een uitkomst. Het lijkt ook een ontwikkelkracht te zijn. Wanneer mensen meer psychologisch welbevinden ervaren, ontwikkelen zij zich over de jaren richting meer: openheid, extraversie, vriendelijkheid en consciëntieusheid
Met andere woorden: mensen worden niet alleen gelukkiger door wie ze zijn. Hun welbevinden lijkt ook samen te hangen met wie ze worden.
Dat is een belangrijk inzicht. Want misschien hoeven we mensen minder vaak te “repareren” en moeten we vooral de omstandigheden creëren waarin mensen kunnen groeien:
🔵 Meer autonomie.
🟡 Meer zingeving.
🟣 Meer verbinding.
🟢 Meer waardering.
🔴 Meer ruimte om sterke kanten in te zetten.
Het meest verrassende resultaat uit dit onderzoek? De relatie tussen neuroticisme en welbevinden. Tussen mensen is de relatie duidelijk. Mensen die hoog scoren op neuroticisme ervaren gemiddeld minder welbevinden.
Maar binnen dezelfde persoon over tijd vond Joshanloo geen duidelijk voorspellend verband tussen neuroticisme en later psychologisch welbevinden.
Een medewerker die piekert, onzeker is of gevoelig reageert, is dus niet automatisch vastgezet op een laag werkgelukspad. Als iemand nieuwe dingen blijft proberen, vragen stelt en contacten opzoekt, dan kan dat juist een route zijn naar meer psychologisch welbevinden.
Voor organisaties die innovatie willen stimuleren biedt dit onderzoek misschien wel de grootste les. Organisaties vragen steeds meer openheid, flexibiliteit en veranderbereidheid. Zeker nu, met AI, arbeidsmarktkrapte en voortdurende transitie.
Openheid ontstaat niet door mensen te vertellen dat ze moeten veranderen. Openheid lijkt eerder te groeien in contexten waarin mensen invloed ervaren, betekenis zien, hun bijdrage herkennen en zich veilig genoeg voelen om te experimenteren.
Voor HR betekent dit: maak werkgeluk onderdeel van talentontwikkeling en verandervermogen.
Voor leidinggevenden: probeer mensen niet gelukkig te maken, maar creëer de voorwaarden waarin zij eigen leiderschap kunnen nemen.
Voor coaches: focus niet alleen op klachtenreductie of zwaktes. Help mensen ontdekken waar hun energie, groei en betekenis zitten.
Meer lezen? --> Bron: Joshanloo, M. (2022). Reciprocal relationships between personality traits and psychological well-being. British Journal of Psychology.


